Gedeputeerde van Onderwijs, Cultuur en Sport, Mw. Marilyn Alcalá-Wallé heeft vanmorgen op Hogeschool Rotterdam een intentieverklaring ondertekend genaamd: Samenwerken aan het voorkomen van voortijdige studiebeëindiging van Curaçaose studenten.
1) het grote verschil tussen de Antilliaanse en Nederlandse cultuur
2) jongeren worden op de Nederlandse Antillen op school in onvoldoende mate voorbereid en begeleid bij hun studie- en beroepskeuze,
3) onvoldoende beheersing van de Nederlandse taal,
4) jongeren missen de benodigde competenties om in Nederland met succes te kunnen deelnemen aan het maatschappelijke leven. Men dient hierbij dan te denken aan sociale vaardigheden, de omgang met cultuurverschillen en een de afwijkende financiële structuur.
Bij vroegtijdige studiebeëindiging kunnen studenten met verschillende problemen te maken krijgen. Deze problemen kunnen bestaan uit bijvoorbeeld schulden, werkloosheid of problemen op het sociale vlak. Financiële problemen ontstaan op het moment dat de studenten niet meer gerechtigd zijn om studiefinanciering te krijgen, maar deze wel blijven ontvangen ondanks het feit dat zij gestopt zijn met hun studie. Dit heeft tot gevolg dat er dan een hoge schuld opgebouwd wordt. Ook heeft de voortijdige studiebeëindiging gevolgen voor de kans op het vinden van een baan.
De betrokken partijen willen wat betreft de opvang en begeleiding van de studenten samen werken om de vroegtijdige studiebeëindiging tegen te gaan. Om dit te realiseren hebben de partijen een platform opgericht onder de naam PAAR (Platform studerende Antilliaanse en Arubaanse Rotterdammers). Het platform is er om het verbeterproces te monitoren, knelpunten te bespreken en op te lossen. Het platform, bestaande uit Hogeschool Rotterdam, Hogeschool INHolland, Erasmus Universiteit Rotterdam, de gemeente Rotterdam en de Stichting Studiefinanciering Curaçao (namens Curaçao), wordt per direct ingericht en komt om de twee maanden bijeen.
Daarnaast wordt er eens per jaar een bijeenkomst op bestuurlijk niveau gepland, om de voortgang te bespreken.
Met deze samenwerking hopen de partijen dat er op langere termijn meer Antillianen hun studie in Rotterdam afronden en een lagere schuld hebben opgebouwd bij de IB-Groep. Daarnaast zijn de studenten beter voorbereid op de arbeidsmarkt in Nederland én die op Curaçao.
Naast Gedeputeerde Alcala-Wallé hebben de volgende personen de intentieverklaring ondertekend: De Loco-burgemeester van Rotterdam Mw. J. Kriens, lid College van Bestuur van Hogeschool Rotterdam Dhr. J.G. Roelof, lid College van Bestuur van Hogeschool INHolland Rotterdam dhr. L.N. Labruyère en secretaris van College van Bestuur van Erasmus Universiteit Rotterdam dhr. A.D. van de Pijl.
Toegevoegd enkele foto’s van de ondertekening.
Foto 1: Ondertekening Gedeputeerde Mw. M. Alcala-Wallé
Foto 2: Loco-burgemeester en Gedeputeerde met nieuwe ‘Rotterdamse’ studenten
Foto 3: Loco-burgemeester van Rotterdam Mw. J. Kriens en Gedeputeerde
Mw. M Alcala-Wallé
Foto 4: Gedeputeerde Mw. M. Alcala-Wallé Hogeschool R’dam
| < Prev | Next > |
|---|









