In een interessant artikel ‘Zelfbeschikking of annexatie’ dat verschenen is in de februari 2010 (Volume IX no.2) editie van ‘Overseas Territories Report’ van de hand van Dr.Carlyle Corbin – een expert op dekolonisatiegebied - komt hij tot de conclusie dat het besluit van de Gouverneur om de Referendumverordening Bonaire te vernietigen in strijd is met het onvervreemdbare zelfbeschikkingsrecht van het Bonairiaanse volk, hetwelk gewaarborgd wordt door het internationale recht.
De vernietiging van de Referendumverordening en de punitieve opschorting van Nederlandse hulp stroken niet met de internationale plicht van Nederland om het zelfbeschikkingsproces te’ faciliteren’. Volgens Dr.Corbin was de referendumvraag in de verordening inderdaad niet duidelijk genoeg. Zijn voorstel komt grosso modo overeen met dat van de Referendumcommissie Bonaire 2009,namelijk om de opties ‘vrije associatie’ en ‘integratie’ voor te leggen, aangezien die opties duidelijk gedefinieerd zijn in VN Resolutie 1541. Hij voert echter ook onafhankelijkheid als optie op.
Met betrekking tot de vraag wie aan het referendum mogen meedoen, wijst Dr.Corbin – evenals de Referendumcommissie Bonaire 2009 – op de zaak Nieuw-Caledonie, waarbij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens de beslissing van het Mensenrechtencomite van de Verenigde Naties heeft bevestigd,stellende : “dat de criteria die het stemrecht bepalen het effect hebben om een beperkt electoraat vast te stellen en daarmede een onderscheid te maken tussen a] personen die het stemrecht niet hebben…en b] personen die dit recht mogen uitoefenen vanwege hun voldoende sterke banden met het territoir’.
Dr. Corbin is van mening dat het moeilijk is de redelijkheid vast te stellen van de aanbeveling van de VN Missie die het oorspronkelijke ‘5-jaar vereiste’ voorgesteld door de Referendumcommissie als ‘problematisch’ aanmerkte. Hij vindt integendeel dat juist het ‘redelijke compromisvoorstel’ van een vereiste van 6 maanden ingezetenschap gelanceerd door de VN Missie als onredelijk moet worden bestempeld. Hij stelt dat het uiteindelijk in de Referendumverordening opgenomen ‘3-jaar ingezetenschap vereiste’ ruim binnen de toegestane marges past zoals vastgesteld door het Europese Hof voor Rechten van de Mens.
Dr. Corbin concludeert dat gezien ‘established precedent’ en uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens hij zich moeilijk kan verenigen met het standpunt dat een ‘3-jarig ingezetenschap vereiste’ voor een daad van zelfbeschikking strijd oplevert met internationaal recht. Hij is de mening toegedaan dat de vastgestelde criteria voor het stemrecht op adekwate wijze ontworpen zijn om de belangen van het volk van Bonaire te beschermen and dat zulks steun vindt in het internationale recht.
Dr.Corbin sluit af met de opmerking dat het leidende beginsel moet zijn het onvervreemdbare zelfbeschikkingsrecht van het Bonairiaanse volk. Tegen die achtergrond blijft er voldoende ruimte over om middels dialoog tot een genoegzame oplossing te geraken. Het alternatief is de zaak internationaal aan te kaarten.
Namens de beweging ‘Awor T’e Ora’
ing. Johan ’Jopey’ E. Giskus mr. Eugene R. Abdul,
coordinator juridisch adviseur
Bonaire, 2 februari 2010
| < Prev | Next > |
|---|









